Posts

Ik ben een postmoderne Pythia!

Image
De column van Ger Groot over mijn essay dit weekend in Letter & Geest moet één van de meeste bevreemdende replieken zijn die ik ooit las. In de inleiding van mijn betoog over obscurantisme produceerde ik een doelbewuste onzin-zin, in gezwollen postmodernistische stijl: "Het ondenkbare kan zich niet laten schrijven zonder zichzelf op te heffen, zonder zich als het ware te ver-denken." Daarmee wou ik aantonen hoe makkelijk het is om diepzinnig te klinken, als je je maar in duistere abstracties, zombie-woorden en flauwe woordspelingen hult. Maar vandaag breekt mijn klomp: Ger Groot biedt een heuse exegese van mijn onzin-zin, met een verwijzing naar de Holocaust, die moet aantonen "hoe zwaar de betekenis" van mijn zin weegt. Dat ik zo'n diepzinnige zin zomaar in het "vuilnisvat van de geschiedenis" werp, vindt hij wel erg voorbarig. Groot lijkt niet goed te beseffen dat ik die zin zelf verzon, als parodie op postmoderne onzin. Hij neemt eerst aan dat…

Een briljante breinparasiet: de hel

Image
Enkele jaren geleden reed ik ’s avonds met mijn collega Stefaan Blancke naar Limburg om Rudi Meekers en Jos Philippaerts te interviewen, de drijvende krachten achter de Belgische creationistische vereniging CreaBel. Mensen die geloven dat de wereld 5.000 jaar geleden is geschapen – zo rond de tijd dat de Sumeriërs brons en koper leerden smelten – zijn niet zo dik gezaaid in België, in tegenstelling tot bijvoorbeeld de Verenigde Staten en de Nederlandse Bijbelgordel. Mijn doctoraatsonderzoek ging over pseudowetenschappen, dat van Stefaan in het bijzonder over creationisme in de Lage Landen. Meekers en zijn collega waren aanvankelijk argwanend, maar we werden hartelijk ontvangen. Ons gesprek duurde verschillende uren en ging eerst over boomfossielen, over de schedels van mensapen en de zoektocht naar de vermeende missing links, en over het wrak van de Ark van Noah. Maar naderhand nam de discussie een andere wending, die me meer is bijgebleven dan de discussie over de evolutietheorie ze…

Niets zo makkelijk als moeilijk doen

Image
Zet u even schrap.
Er is een gegevenheid in het talig geschrevene, althans voor zover het zich aandient in inscripties van betekenaars, dat zich ten enenmale onttrekt aan elke betrachting tot aanschouwelijk-worden, als ware het een verdwijnpunt van herme(neu)tische verdichting. Precies dat nu, wat zich aandient als het elusieve/allusieve in elke taligheid (cf. Derrida), verhult een zeker manco (Lacans 'objet petit a'), een verknoping in het web van betekenaars, waardoor het door de auteur gedachte (viz. het denken) verschijnt als een incarnatie van een soort enigmatische Ander, een aporie van exegetische onoplosbaarheid waarbinnen elk hermeneutisch zoeken verstrikt raakt. Het on-denkbare kan zich niet laten schrijven zonder zichzelf op te heffen, zonder zich als het ware te ver-denken.
Mijn complimenten dat u nog niet bent afgehaakt. Hebt u een flauw benul van wat het bovenstaande wil zeggen? Niet meer dan dit: sommige teksten zijn moeilijk te begrijpen. De hele paragraaf is e…

De waarheid voorbij

Image
Enkel wie de afgelopen maanden op een andere planeet leefde, kan het ontgaan zijn: thans leven we in het post-truth tijdperk. Sinds de verkiezing van een pathologische leugenaar in het Witte Huis gonst het van de geruchten dat de waarheid haar beste tijd heeft gehad. De Oxford Dictionaries koos het begrip post-truth uit tot woord van het jaar. Wie de grafiek van de term bekijkt op Google Trends voor de afgelopen vijf jaar, ziet een soort hockeystick: een nagenoeg platte dode lijn tot de week van 13 november 2016, met dan een bijna verticale piek in de hoogte. Zelden gebeurt het dat een zo abstract begrip als ‘waarheid’ de inzet is van het maatschappelijke debat. Maar is de houdbaarheidsdatum van de waarheid echt verstreken? En wat bedoelen we precies wanneer we zeggen dat we in het post-waarheidtijdperk leven?
Een van de evolutionaire functies van ons brein is om kennis te vergaren over de wereld rondom ons. Daarvoor doen we overtuigingen op, op basis van zintuiglijke prikkels en denkv…

Superieure meningen?

De redactie van De Morgen ontving kennelijk veel reacties op mijn toespraak over de "superioriteit" van onze samenleving. Hier legden ze een bloemlezing aan. De briefschrijvers - voornamelijk academici - maken enkele interessante punten (bv. over David Foster Wallace en zelfgenoegzaamheid), maar ik lees vooral veel semantische haarkloverij over het begrip "superieur" en vernuftige vormen van moreel relativisme. 
Eerst over het woord "superieur". Dat betekent gewoon "voortreffelijk, uitmuntend, beter". In mijn tekst ging ik zelfs nog verder dan "superieur/beter", ik koos namelijk voor het superlatief "best", zoals in de zinsnede "de beste van alle totnogtoe beschikbare werelden". En inderdaad, zoals verschillende briefschrijvers opmerken, het woord "superieur" impliceert het bestaan van iets "inferieur". Die woorden zijn gewoon antoniemen. De briefschrijvers doen alsof ze me daarmee op iets onwelvo…

Whataboutery

Pure fallacies are a rare breed.  You encounter examples of such arguments in textbooks of logic, but rarely in real life. Real-life fallacies generally bear some resemblance to valid forms of reasoning, which makes them hard to distinguish.
Nevertheless, I found a genuine, 24-carat nugget of bad reasoning the other day.  The historian Jeroen Bouterse was reacting to my essay “Disbelief in belief” on 3 Quarks Daily, in which I suggested that modern secular Westerners have become so estranged from religion that they have difficulty in putting themselves in the shoes of devout religious fanatics.  That fabulous garden in paradise with 72 virgins, or the entire universe having been created in six days: surely nobody actually believes that rubbish?
Writing on the web site Geloof & Wetenschap (Belief and Science), Bouterse was completely in agreement with me that “ideas matter”, and praised my call for people to explore other people’s ways of thinking.  But he still had an objection:
I wo…

De stelling is even eenvoudig als onloochenbaar: onze samenlevingsvorm is superieur aan alle andere ter wereld

Beste dames en heren, 
Er staat een heel eenvoudige waarheid in het nieuwe boek van Gwendolyn Rutten, die me na aan het hart ligt, en waaraan ik hier mijn korte toespraak wil wijden. Niet zozeer de bewering van Rutten zelf heeft mijn verbazing opgewekt, als wel de heftige reacties erop. Toen Rutten die waarheid uitsprak in een interview met Het Laatste Nieuws dit weekend, bij wijze van voorsmaakje van haar boek, stak een storm van protest op. Nochtans is de stelling even eenvoudig als onloochenbaar, als je er even over nadenkt: onze samenlevingsvorm is superieur aan alle andere ter wereld.
Sommige mensen zijn allergisch aan bepaalde woorden. Met name het woord 'superieur' werkt als een rode lap op een stier. Is het niet ontstellend aanmatigend en arrogant om je eigen manier van leven boven alle andere te verheffen? En een stier die eenmaal een rode lap heeft zien wapperen, stormt onstuimig vooruit, waarop hij faliekant zijn doel mist. Zo dachten veel mensen dat Gwendolyn Rutt…